Harnasmeervallen

Harnasmeervallen zijn interessante vissen met een apart uiterlijk. Er zijn veel soorten, in verschillende maten en met allerlei kleuren en aftekeningen. Hoewel ze bekend staan als algeneters, gaat dat niet voor elke soort op. Bovendien moeten zij altijd bijgevoerd worden! Onder de harnasmeervallen zijn zowel voor beginnende als voor gevorderde aquariumhouders geschikte soorten te vinden.

Algemeen

De harnasmeervallen (Loricariidae) vormen een familie van de orde meervallen (Siluriformes). Ze worden in de praktijk ook wel algeneters genoemd, of pleco’s, naar Hypostomus plecostomus die één van de eerste harnasmeervallen was die in het aquarium werd gehouden. Harnasmeervallen hebben geen schubben maar benige platen om hun lichaam te beschermen. Een ander opvallend kenmerk is de omlaag gerichte zuigmond. Ook zijn hun kaken erg beweeglijk. Bij de mond kunnen ze baarddraden hebben, maar dat hebben niet alle soorten.

De lichaamsvorm van de harnasmeervallen is langgerekt met een platte onderkant. Ze hebben doorgaans grote rug-, borst- en staartvinnen met vaak stekelige vinstralen. Bij de soorten die een vetvin op hun rug hebben, een eindje voor de staart, heeft deze een stekel aan de voorkant. Veel soorten hebben odontoden: doornachtige uitsteeksels die overal op het lichaam kunnen voorkomen.

De lengte van de harnasmeervallen loopt uiteen van enkele centimeters tot een meter lang. Deze laatste zijn uiteraard niet geschikt voor het gemiddelde aquarium.

Net als een aantal andere meervallen kunnen de harnasmeervallen lucht gebruiken om te ademen via hun maag-darmkanaal.

Verschillende soorten

De familie Loricariidae bevat meer dan 800 omschreven soorten en nog een groot aantal nog niet wetenschappelijk beschreven soorten, totaal meer dan duizend soorten. Er wordt nog steeds onderzoek gedaan naar de verwantschappen binnen de harnasmeervallen.

Soorten die in het aquarium worden gehouden zijn bijvoorbeeld de flink groot wordende Glyptoperichthys gibbiceps en soms Hypostomus plecostomus, diverse Ancistrus en de vrij kleine Otocinclus.

Van Ancistrus zijn ook albino vormen en kweekvormen met langere vinnen in de handel, en ook van Hypostomus bestaan albino vormen.

Van nature

Harnasmeervallen komen voor in het zuiden van Midden-Amerika en in Zuid-Amerika, tot in het noorden van Argentinië. Ze komen daar in allerlei verschillende leefgebieden voor, zowel in snel stromend als in stilstaand water en bij verschillende waterwaarden en temperaturen.

Harnasmeervallen leven vooral op de bodem, de vorm van hun lichaam is hieraan aangepast. Met hun schijfvormige mond kunnen ze zich vastzetten op een ondergrond, bijvoorbeeld in stromend water. Daarnaast wordt deze gebruikt om voedsel te pakken of van een ondergrond af te schrapen. Harnasmeervallen zijn vooral ’s avonds en ‘s nachts actief.

Huisvesting

De afmeting van het aquarium moet uiteraard worden aangepast aan het formaat van de vissen en het aantal. Voor de kleinste soorten als Otocinclus is een bak van zeker 60 centimeter nodig. In een bak van 80 tot 100 centimeter kunnen iets grotere soorten worden gehouden die tot zo’n 15 centimeter lang worden. Zorg voor een deksel, want harnasmeervallen kunnen springen. Vul het aquarium niet helemaal tot de rand met water, want de harnasmeervallen happen soms lucht boven het oppervlak.

Voor verreweg de meeste soorten harnasmeervallen is een temperatuur tussen 23 en 26 graden, een pH tussen 6 en 7,5 en zacht tot middelhard water geschikt. De benodigde waterwaarden kunnen per soort verschillen.

Veel harnasmeervallen leven in stromend, zuurstofrijk, helder water. Ook in het aquarium hebben ze daarom graag vrij veel stroming, gebruik een goed filter met een sterke pomp.

Harnasmeervallen houden doorgaans niet van fel licht. Omdat ze veel op de bodem leven en er in wroeten, is er voldoende bodemoppervlak nodig, liefst met een zandbodem of eventueel klein, rond grind waaraan de dieren zich niet kunnen snijden. Ook moet er hout in het aquarium staan, ze gebruiken dit om algen af te schrapen maar sommige soorten ook om het hout op te eten. Bovendien kunnen met hout en (niet scherpe) stenen schuilplaatsen worden gemaakt. Harnasmeervallen hebben een plek nodig om zich terug te trekken.

Planten worden door veel harnasmeervallen opgegeten of losgewoeld en zijn voor veel soorten niet echt noodzakelijk zolang er voldoende andere schuilplaatsen zijn.

Bij de kleinere soorten kunt u enkele harnasmeervallen bij elkaar houden, als uw aquarium groot genoeg is. De grote soorten kunnen door hun territoriale gedrag onderling agressief zijn en vaak is het dan beter om er maar één per aquarium te houden. Neemt u meerdere harnasmeervallen dan is een combinatie van een mannetje met een paar vrouwtjes het beste.

Houd bij het maken van combinaties van vissoorten rekening met het temperament van de soorten en de waterlaag waarin zij zwemmen.

Verzorgen en hanteren

Dagelijks moet u de vissen even bekijken om te zien of ze gezond zijn. Controleer ook de watertemperatuur en verwijder eventuele voedselresten. Haal elke week losse plantenresten weg.

Test geregeld het water met testsetjes die u in de dierenspeciaalzaak kunt kopen. Belangrijk zijn daarbij vooral de zuurgraad (pH), de hardheid en de hoeveelheid ammonium, nitriet en nitraat. Bij een goed werkend filter zijn ammonium en nitriet niet meetbaar aanwezig. Nitraat kan het gemakkelijkst uit het water worden verwijderd door snel groeiende beplanting of door goede beluchting, sneller gaat dit door water te verversen. Ververs daarom regelmatig, afhankelijk van de gemeten waterkwaliteit. Een richtlijn voor harnasmeervallen is om elke week ongeveer een derde van het water te vervangen, ze hebben schoon, helder en zuurstofrijk water nodig.

Maak het mechanische deel van het filter regelmatig schoon door te spoelen in het oude aquariumwater. Maak indien nodig de ruiten schoon met een magneetveger, een krabber of filterwatten.

Pas bij het hanteren van de vissen op voor de stekelige vinstralen. Ze kunnen een visnetje, plastic vervoerszak of uw huid beschadigen, en dat laatste kan flink pijn doen. Trek niet aan het netje als er een vis in vast komt te zitten maar maak het voorzichtig los.

Gebruik attributen die voor het aquarium bestemd zijn, zoals een emmer en schepnetje, alleen voor het aquarium en niet voor andere huishoudelijke activiteiten. Was altijd uw handen zowel voor als nadat u met het aquarium bezig bent geweest. Gebruikt u een hevelslang, zorg er dan voor dat u geen water binnen krijgt. Sommige visziekten zijn ook besmettelijk voor mensen.

Voeding

Onder de harnasmeervallen zijn veel soorten die voornamelijk plantaardig voedsel en restmateriaal eten. Dit restmateriaal bestaat uit dierlijk en plantaardig materiaal en vormt een laagje op de bodem en op hout, rotsen of grote bladeren. Er zijn echter ook soorten die vooral dierlijk materiaal eten. Ook bestaan er soorten die (naast plantaardig en dierlijk materiaal) hout eten. Hoewel de harnasmeervallen ook wel bekend staat als ‘algeneters’ en veel van hen dit ook wel eten, is hun dieet dus veel gevarieerder en kunnen ook de planteneters onder hen niet van alleen algen leven. De precieze vorm van de bek en tanden is steeds aangepast aan het type voer en manier van eten.

De harnasmeervallen die dierlijk materiaal eten, kunt u bijvoorbeeld insecten, zoals muggenlarven en watervlooien geven.

Voor de houteters moet u verschillende, voor het aquarium geschikte, houtsoorten aanbieden die u in de aquariumspeciaalzaak kunt vinden, zoals kienhout, savannehout of tropisch wortelhout. Vraag bij aankoop of en hoe u het door u gekozen hout moet voorbehandelen.

In het algemeen eten harnasmeervallen van alles wat mee: de vleeseters eten ook wel eens groente en de planteneters lusten ook muggenlarven of Artemia. Voor alle soorten geldt dat variatie in het voer helpt om de dieren gezond te houden en tekorten te voorkomen.

Harnasmeervallen eten de hele dag door kleine beetjes. Het beste is daarom om hen meerdere malen per dag een klein beetje te voeren. U kunt ook gebruik maken van voedertabletten die langzaam oplossen. Pas wel op dat u niet teveel voert.

Let ook op dat de harnasmeervallen voldoende voer binnenkrijgen en het voer niet door andere vissen in het aquarium wordt opgegeten voor de harnasmeerval erbij kan komen.

Voortplanting

De verschillen tussen mannetjes en vrouwtjes zijn niet bij alle soorten even duidelijk. De grootste verschillen zijn in het paarseizoen te zien. Bij sommige soorten hebben de mannelijke dieren tentakelvormige uitgroeisels aan hun bek, zoals bijvoorbeeld duidelijk te zien is bij Ancistrus soorten.

Wilt u proberen te kweken met harnasmeervallen, dan kunt u het beste een mannetje bij meerdere vrouwtjes zetten.

Ziekten en aandoeningen

Om uw vissen gezond te houden is het erg belangrijk om te zorgen voor een goede waterkwaliteit en goede voeding en stress zoveel mogelijk te voorkomen. Laat de vissen zoveel mogelijk met rust en houd een vast dagpatroon aan. Zet geen soorten bij elkaar die elkaar lastigvallen. Tekenen van gezondheidsproblemen zijn een doffe of aangetaste huid, geknepen vinnen, een afwijkende lichaamsvorm of een afwijkende manier van zwemmen (bijvoorbeeld schommelend of scheef).

In het algemeen zijn harnasmeervallen sterke vissen. Wel kunnen ze vrij veel last hebben van stress door het vervoeren naar en van de aquariumspeciaalzaak. Dan eten ze slecht en kan het zijn dat ze afgevallen zijn en in mindere conditie. Bij aanschaf is het daarom altijd belangrijk de dieren eerst in quarantaine te zetten bij de juiste watercondities, hen goed te voeren en te observeren of ze goed eten. Schoon, stromend water met voldoende zuurstof is belangrijk om harnasmeervallen gezond te houden.

Net als andere vissen kunnen harnasmeervallen last krijgen van veel voorkomende visziekten zoals witte stip, schimmels of vinrot.

Beschadigingen aan vinnen of staart, bijvoorbeeld ontstaan door gevechten of door te scherpe bodembedekking en rotsen, kunnen snel geïnfecteerd raken. In de aquariumspeciaalzaak kunt u middelen kopen die tegen infecties beschermen. Daarnaast is het uiteraard belangrijk om het water goed schoon te houden en geen scherp materiaal te gebruiken in het aquarium.

Bij sommige harnasmeervallen kunnen herpesvirusinfecties voorkomen, met bleke, zwerende plekjes op de huid.

Vaak kunnen vissen door een snelle behandeling weer herstellen. In de dieren- of aquariumspeciaalzaak kunt u terecht voor algemeen advies over ziekten en mogelijke behandelwijzen. Ook vindt u hier enkele middelen om ziekten te behandelen. Zorg er wel voor dat u lang genoeg doorgaat met behandelen, zodat alle ziekteverwekkers gedood worden. Pas bovendien op: niet elk middel is geschikt voor elke vissoort, dus laat u goed voorlichten. Harnasmeervallen kunnen bijvoorbeeld minder goed tegen zout en de meeste soorten kunnen erg slecht tegen koper.

 

Aanschaf en kosten

Harnasmeervallen kunt u kopen in de aquariumspeciaalzaak. Let er bij het kopen van vissen op dat ze uit schone bakken met gezonde dieren komen. Kies de meest actieve vissen. Let erop dat de vissen een mooie schone huid hebben, niet mager zijn en geen ingevallen ogen hebben. Laat de dieren geleidelijk wennen aan de nieuwe wateromstandigheden. Het is aan te raden om nieuwe vissen eerst in een quarantainebak te plaatsen.

Harnasmeervallen hebben erg uiteenlopende prijzen, afhankelijk van de soort. De goedkopere soorten kosten tussen 5 en 10 euro, maar er zijn ook exemplaren van rond 150 euro in de handel. De opstartkosten van een aquarium hangen af van de grootte van het aquarium en de gewenste techniek. Voor de grote harnasmeervallen heeft u een flink aquarium nodig. Terugkerende kosten zijn bijvoorbeeld die voor de aanschaf van voer, testsetjes en kosten voor verwarming en verlichting. Daarnaast kunt u voor extra uitgaven komen te staan als er ziekten in het aquarium ontstaan.

 

Bron: LICG. Het LICG voorziet (potentiële) kopers en houders van huisdieren van onafhankelijke, betrouwbare informatie over het houden van huisdieren en alle aspecten die in dat kader relevant zijn. De informatie is beschikbaar via www.licg.nl.