De juiste voeding voor uw kat

Gedurende de eerste vier weken halen pasgeboren kittens alle benodigde voedingsstoffen uit de  moedermelk. Daarna wordt geleidelijk vast voedsel aangeboden en een paar weken later zijn de kittens volledig gespeend. Een kitten heeft een grotere behoefte aan voeding dan een volwassen kat. Totdat ze volwassen zijn, groeien kittens zeer snel; in de eerste vier maanden van haar leven groeit een kitten evenveel als een kind in zeven jaar.  Haar lichaamsgewicht verdubbelt bijna iedere week. Het is dus essentieel dat de kitten vanaf het begin de allerbeste voeding krijgt die alles bevat wat de kitten nodig heeft voor de juiste groei en ontwikkeling.

 

Katten zijn carnivoren (vleeseters) en hebben dus een behoefte aan veel dierlijke eiwitten. Het is belangrijk dat de voeding compleet en uitgebalanceerd is.

 

Voedingsbehoeften van de kat

Een kat is een carnivoor, wat betekent dat het van nature vlees eet. Plantaardig materiaal maakt geen deel uit in de dagelijkse voeding van de kat. Orgaanvlees is voor katten niet geschikt. Ze hebben namelijk behoefte aan veel hoogwaardige dierlijke eiwitten die vooral in spiervlees voorkomen.

 

Maagdarmstelsel

Van nature eten katten kleine prooidieren, zoals muizen. Een kat eet hierdoor verspreid over de dag 10 tot 20 kleine maaltijden. De maag heeft zodoende maar een kleine vullingscapaciteit en kan dus niet in volume toenemen, zoals bij honden die grote prooidieren en zodoende grote maaltijden kunnen eten, wel het geval is. Doordat een kat verspreid over de dag veel kleine beetjes eet blijft de pH van de urine stabieler. Na een maaltijd wordt de urine namelijk zuurder. Indien een kat per dag 3 grote maaltijden eet daalt de pH van de urine na de maaltijd sterk om vervolgens in de periode tussen de maaltijden sterk te stijgen. Een voerbal kan helpen om de voedingsopname meer te spreiden.

 

Droge brokken

Droogvoer bevat weinig water. Het vochtgehalte bevindt zich meestal onder de 14%, maar is meestal slechts tussen de 7 en 10%. Doordat droge brokjes zo weinig vocht bevatten is het lang houdbaar. Daardoor is het mogelijk om de hele dag een bakje brokken te laten staan. Voor katten is dit ideaal aangezien de meeste katten verspreid over de dag meerdere kleine maaltijden nuttigen. Voor sommige katten kan een vol bakje droge brokjes echter onweerstaanbaar zijn en bestaat dus het risico dat ze te veel eten en daardoor dik worden.

 

Wat betreft de preventie van tandplak, tandsteen en daaruit voortkomende gebits- en gezondheidsproblemen bij onze huisdieren, is vastgesteld dat vooral plakkerige en zachte voedingen voorkomen dienen te worden. Het geven van brokjes waarop gekauwd moet worden is dus beter voor het gebit dan het geven van blikvoeding.

 

Natvoeding

Door het hoge vochtgehalte is natvoeding bederfelijker dan droogvoeding. Daardoor kan natvoeding niet de hele dag onbeperkt beschikbaar worden gesteld en dient het voedsel dat niet gegeten wordt niet te lang te blijven staan.

 

Natvoedingen worden door katten vaak als zeer smakelijk ervaren, vooral als het een beetje opgewarmd is. Dit komt doordat van natvoeding meer aroma af komt dan van droogvoeding. De geur van de natvoeding maakt dus dat de eetlust gestimuleerd wordt. Vandaar dat aan katten die niet graag willen eten met wat opgewarmde natvoeding het beste geprobeerd kan worden om de voedselopname te verhogen.

 

Wat betreft de effecten van natvoeding op de mondgezondheid is vastgesteld dat zachte, plakkerige voeding de vorming van tandplak en tandsteen in de hand werkt. Het is dus aan te raden om in belang van het gezond houden van een goed gebit, natvoedingen zo veel mogelijk te vermijden en het te combineren met droogvoedingen.

 

 

Dieren met urinewegproblemen zijn vaak gebaat met extra vochtopname. Bij deze patiënten is het namelijk belangrijk dat ze voldoende vocht opnemen, aangezien dit de vorming van blaasgruis, blaasstenen en blaasontsteking kan helpen voorkomen. Nu is het moeilijk om een dier duidelijk te maken voldoende water te moeten drinken en dus wordt in deze situaties veelal geadviseerd om blikvoeding te geven. Doordat blikvoeding voor 85% uit water bestaat wordt hiermee de opname van vocht via de voeding dus gestimuleerd.

 

Zoutgehalte

Zout kan wel eens door producenten als smaakversterker gebruikt worden waardoor de voeding wel tot 7 keer meer zout dan het aanbevolen gehalte kan bevatten. Te veel zout is bij huisdieren, net zoals bij de mens, niet gezond. Daarom bevat een voeding liefst niet te veel zout.

 

Verteerbaarheid

Een voeding met een goede kwaliteit heeft een hoge verteerbaarheid. De hoeveelheid geproduceerde ontlasting is zodoende een goede indicatie van de voedingskwaliteit. Algemeen kan gesteld worden dat de kwaliteit van de voeding beter is wanneer de kat minder en stevigere ontlasting produceert.

 

Hoeveel voeding moet ik mijn kat geven?

Op verpakkingen worden vaak richtlijnen vermeld over de hoeveelheid dagelijkse voeding. Sommige katten hebben echter een actievere levensstijl of snellere stofwisseling dan andere katten, waardoor de voedingsbehoeften tussen honden sterk kunnen verschillen. Het opvolgen van richtlijnen kan bij inactieve katten of katten met een tragere stofwisseling zodoende na verloop van tijd tot overgewicht leiden. Het is over het algemeen daarom beter om zelf het gewicht van de kat in het oog te houden en aan de hand daarvan meer of minder voeding te geven. Zolang het lichaamsgewicht van uw kat in orde blijft is het dus helemaal niet erg dat de kat minder eet dan dat op verpakkingen geadviseerd wordt.

 

Maaltijden

Een kat eet van nature 10 tot 20 kleine maaltijden over de dag verspreid. Met een gevuld bakje droge brokjes hebben katten de hele dag toegang tot eten en is het mogelijk dat ze frequent kleine beetjes kunnen eten. Geeft u uitsluitend blikvoeding, dan vergt het wat meer inspanning om aan deze natuurlijk voedingsgewoonten van de kat te voldoen, aangezien door de bederfelijkheid van deze voeding het niet de hele dag onbeperkt beschikbaar kan staan. Sommige katten kunnen de verleiding van een vol bakje brokken echter niet weerstaan. Dit betekent dat bij sommige katten een vol bakje droge brokjes de ontwikkeling van overgewicht in de hand kan werken. In deze situaties wordt het liefst een dagelijks afgewogen hoeveelheid voeding verspreid over de dag gegeven.

 

Kattenmelk

Een volwassen kat heeft geen kattenmelk nodig. Wel kan het af en toe als een extra tussendoortje gegeven worden. Geef echter liever geen koemelk. Veel katten verdragen de lactose in deze melk niet en kunnen daardoor last van diarree krijgen.

 

Omdat kattenmelk buiten de koelkast snel bederft is het niet geschikt om hiermee de dagelijkse vochtbehoefte van de kat te voorzien. Gewoon dagelijks vers drinkwater is daarom veruit de beste manier om de vochtbehoefte van uw kat te voorzien. Overigens is bovengenoemde kattenmelk beslist niet geschikt als flesvoeding voor jonge kittens. Kittens die nog niet (genoeg) vast voedsel kunnen eten, moeten bijgevoerd worden met speciale kittenmelk.

 

Kattengras

Elke kat knabbelt af en toe aan wat grassprietjes. Dit gras werkt als een natuurlijk braakmiddel, waardoor haarballen in de maag opgebraakt kunnen worden. Tijdens de wasbeurt slikken katten namelijk heel wat haren in die soms tot verstoppingen kunnen leiden. Dit is vooral bij katten die nooit gras kunnen knabbelen het geval. Voor binnen katten kan daarom het beste af en toe wat kattengras gegeven worden. 

  • NIEUWSBRIEF

    Blijf op de hoogte van onze acties!